Inleiding: Nierdonatie bij leven

Ergens in 2012 had ik het ge-ni-ale idee om een nier af te staan. Een nierdonatie dus. Ik had al eens eerder met het idee gespeeld, maar ik had er nooit ‘tijd’ voor en/of de gedachten dwaalden weer af naar iets anders. Net voor de zomer van 2012 kwam het ideetje weer op. En, de zomer kwam eraan dus tijd zat. Maar hoe begin je daar aan? Lees dit blog en je bent weer helemaal bij. :-)

Ik belde het dichtstbijzijnde ziekenhuis. Universitair Ziekenhuis Antwerpen. “Met Olaf de Vries, ik heb een nier over, kunnen jullie daar iets mee?”. Zoals te verwachten was er een pauze van enkele seconden waarop ik werd doorverbonden. Later die week werd ik uitgenodigd voor een gesprek. Ik was niet de eerste die met het idee cq aanbod kwam, er was iemand voor me geweest. Maar, die zat gevangen en ze wisten niet zo goed wat ze ermee moesten doen. Maar buiten dat, in België is het blijkbaar nog niet mogelijk een nier af te staan als je niet dood bent. Of het moet voor familie zijn, dan kan het wel. Maar in mijn geval, de zogenaamde samaritaanse donatie ofwel een altruïstische donatie, kan het niet. Waarom? Verzekeringstechnisch zou het blijkbaar niet goed zijn afgedekt.

Maar ze zouden me met een paar maanden nog eens bellen. Ook voor input op het hele proces. Nooit gebeurt trouwens, maar goed.

Dus, in België kon ik niet terecht. Volgende optie: Thuisland Nederland. Eerst gekeken welke ziekenhuizen dat deden en toen diegene die het snelste te bereiken was met de koekblik gebeld. Erasmus Ziekenhuis Rotterdam. Nou, diegene dus gebeld. Was blijkbaar ook geen vraag die ze dagelijks kregen. Maar ik mocht op gesprek komen.

Diegene die je nier krijgt staat meestal bovenop de lijst van EuroTransplant. Dat zijn dus de mensen die je nier het hardst nodig hebben. Omdat er ineens een nier vrijkomt probeert het ziekenhuis te onderhandelen. Althans, zo noem ik het. Want als men er een crossover donatie van kan maken dan zijn ineens twee mensen geholpen in plaats van 1. Dus, A doneert een nier aan B en de vrouw van B doneert dan weer een nier aan C. Iets in die richting.

Terug naar het ziekenhuis. Wat kun je daar kort in verwachten? Feitelijk is het een half sollicitatiegesprek. Waarom wil je een nier doneren, wat is de motivatie, ben je fysiek gezond, mentaal gezond, etc. Niet zo heel spannend, maar het moet toch gebeuren. Voor de daadwerkelijke donatie heb ik denk ik toch een stuk of 4 tripjes naar het bruisende Rotterdam mogen maken. Wellicht iets om in te calculeren voor de werkende mensch.

Het proces van de donatie zelf gaat wat sneller. Je komt een dag voor de operatie binnen en als alles goed gaat sta je met 2-3 dagen weer buiten. Zonder bosje bloemen of wat dan ook. Moet ook niet, maar dat je het weet.

En dan zit je thuis. Opstaan doet pijn, zitten doet pijn, omdraaien doet pijn, de vuilniszak buiten zetten doet pijn. Maar, met een week of misschien twee ben je daar ook weer vanaf. En de pijn kun je vergelijken met een zachte stomp tegen je arm. Of buik. Niet spannend. En dan krijg je nog een hoop formulieren van het ziekenhuis om in te vullen om te kunnen cashen voor je nier. Onkosten en een soort van halve beloning voor je donatie. Immers, iemand van de dialyse afhalen scheelt de verzekering van de nierpatient zo’n 100.000 euro per jaar. Ofwel een Porsche Cayman met wat leuke opties. Maar, dat krijg je niet. Wel 320 euro. In 2012 althans. Goed genoeg voor een weekendje Center Parcs.

Ik schrijf dit nu bijna anderhalf jaar later op 1 december 2013. Een beetje laat wellicht, dat klopt. Maar het heeft een reden. Tijdens mijn donatie hield ik een blog bij voor de Nierstichting. Echter was na de donatie mijn blog (in originele vorm hieronder te vinden) blijkbaar zo gedetailieerd dat de vrouw van de man die mijn nier had ontvangen -en er vrolijk mee verder leeft- mijn blog op de site van de Nierstichting had gevonden en het verwijderd wilde hebben. En daar ging de Nierstichting dus op in. Het zou bij haar en haar man leed veroorzaakt hebben. Dus…

Nog even wat medisch geneuzel: Ik ben nog altijd gezond, overige nier werkt op 96% wat blijkbaar nagenoeg perfect is. Dus, niets aan de hand.

Indien je het ziet zitten om een medemens te helpen en misschien wel het leven te redden, neem contact op met de Nierstichting of een ziekenhuis bij je in de buurt. Voor vragen mag je altijd contact opnemen.

 

Back to Top